Gemeenten – bye bye Madurodam

Ondanks berichten dat het met de economie weer wat beter lijkt te gaan en ondanks het feit dat er  nog steeds geen nieuw kabinet is dat miljarden gaat bezuinigen, kunnen we er gerust van uitgaan dat de overheid de komende jaren flink gaat snijden in de uitgaven. Vooral gemeenten lijken het te gaan ontgelden. Minder geld, minder mensen, meer taken. Het is een droevig stemmende mantra.

Nog maar kort geleden zagen we deze advertenties. En hoewel het sowieso waarschijnlijk één van de laatste branchecampagnes is, is de kans dus groot dat er de komende jaren helemaal niets meer van te zien zal zijn. Wat dan?

Gemeenten zijn in een aantal opzichten lastige organisaties. Ze kunnen heel klein zijn of heel groot: van enkele tientallen tot meer dan tienduizend medewerkers. Het werk dat ze doen is zó zichtbaar, dat er altijd wel iemand iets te mopperen heeft (en ze zelfs antwoord moeten geven op onbeschofte brieven). Ze staan er al jarenlang niet best op, qua imago (ooit hoorde ik de term ‘het afvoerputje van de arbeidsmarkt’). Ze zijn relatief vergrijsd, wat tot allerlei wervingsproblemen kan gaan leiden. En dan krijgen ze ook nog op hun kop dat ze ouderwets zijn, omdat is gebleken dat ze het beste in print kunnen werven.

Heel veel beelden over deze organisaties zijn volstrekt onterecht. Ik heb er de afgelopen jaren een aantal leren kennen en was over het algemeen onder de indruk: van de sfeer, het directe resultaat, de vernieuwing en van de gemeenteambtenaren zelf. Maar dat wil niet zeggen dat er niets hoeft te gebeuren.

De toekomst

Als organisaties waar de komende jaren sneller dan elders medewerkers met pensioen zullen gaan, is het voor gemeenten barre noodzaak om zich nu te beraden op hun benadering van de arbeidsmarkt. Op wat voor manier moet het werk gedaan worden? Om wat voor werk gaat ‘t eigenlijk? Wat en wie zijn ervoor nodig? Hoe moeten ze werven? Moeten ze tegen de klippen op advertenties blijven plaatsen, al dan niet in print? Participeren op sociale netwerken?

De neiging van veel publieke organisaties is om in tijden van bezuiniging – of dreigende bezuiniging – op hun handen te gaan zitten; eerst even afwachten wat er precies besloten gaat worden. Bovendien zitten veel van hen toch al tot over hun oren in reorganisaties die het gevolg zijn van voorgaande bezuinigingen, eerder afgekondigde veranderingen of allerlei nieuwe taken. Dan staat je hoofd niet naar problemen die zich op dit moment eventjes niet voordoen. Toch is tijdige bezinning op te ondernemen actie onvermijdelijk. Niet als hobby van een P&O’er met vooruitziende blik, maar als opdracht aan de hele organisatie. In een – al twee jaar oude, maar op de een of andere manier nog steeds actuele – blogpost op ere.net, legt Kevin Wheeler uit hoe je dingen voor elkaar kunt krijgen in een ‘crazy world’; en hoewel hij refereert aan een krappe arbeidsmarkt en in nekken hijgende bazen en niet aan krimpende overheden, staat er veel behartenswaardigs in. Ook nu is de tijd niet (meer) onbeperkt. Er moeten dingen gebeuren en zaken voor elkaar gebracht worden. Dat vraagt om “a combination of creating an overall plan, getting your team involved, experimenting, trying small changes, and tweaking what you do. But most of all, you need the commitment to do things differently”.

En wat nooit kwaad kan, is de uitwisseling van ervaringen; wat valt er niet al van elkaar te leren? Op 4 oktober 2010 zal er tijdens het congres Ambtenaar2013 veel gelegenheid zijn om visies te delen en inspiratie op te doen voor de toekomst. Zelf zal ik daar met deelnemers van gedachten wisselen over de vraag hoe overheidsorganisaties – en dus ook gemeenten – om kunnen gaan met werving en arbeidsmarktbenadering in tijden van bezuinigingen en krimp.

Reacties zijn gesloten.