Werk is niet belangrijk

Volgens een onderzoek naar ‘arbeidsethos’ op P&Oactueel daalt in Nederland ‘de wil om te werken’. Volgens de onderzoekers wordt dat o.a. veroorzaakt door stijgende welvaart. Het is zelfs zo erg “dat het arbeidsethos in Nederland een van de laagste van de westerse wereld is”.

Oei! En dat terwijl we nog maar luttele jaren geleden juist het hoogste arbeidsethos hadden. Is Nederland in korte tijd collectief op weg gegaan om een Oblomov te worden, de Russische edelman die in het gelijknamige boek bijna tweehonderd bladzijden lang zijn bed niet uitkomt? Omdat hij nergens de zin van inziet?

De onderzoekers hebben wel een mogelijke verklaring: “Dit zou misschien te maken kunnen hebben met een bepaald verzadigingspunt: als de welvaart in een land een bepaald niveau heeft bereikt, dan zijn mensen nauwelijks meer gemotiveerd om meer en langer te werken”. In m’n aller-, allereerste les economie leerde ik dat dat ‘de wet van het afnemend grensnut’ heet: naarmate je ergens meer van hebt – in dit geval een baan waardoor je voldoende geld hebt om van te leven – neemt het nut ervan af. Ik heb ‘grensnut’ sindsdien altijd een geweldig… nuttige term gevonden.

Tikkende klok

En het zal vast wel een rol spelen. Maar in de psychologie vinden we denk ik een betere verklaring in het begrip ‘selectieve aandacht’. Hersenen zijn niet in staat om veel informatie tegelijk te verwerken en filteren daarom sommige aspecten er gewoon uit. Een mooi voorbeeld is een klok: als die al jaren in je kamer staat, hoor je hem op zeker moment niet meer tikken. Tot de klok stopt met tikken – dát valt op.

Met werk is het ongeveer net zo. Het is er – we hebben een baan, kunnen de hypotheek betalen en twee of drie keer per jaar op vakantie – en we merken het feit dat we een baan hebben daardoor niet meer bewust op. Hij is er gewoon, het is vanzelfsprekend, niet iets dat aandacht behoeft. En wat dus wordt weggefilterd. Want net als Oblomov hebben we geld zat. In die zin hebben de onderzoekers dus wellicht gelijk: verklein de welvaart en het arbeidsethos komt terug. Of misschien moeten we ophouden met zeuren en het gewoon niet erg vinden dat we andere dingen óók belangrijk vinden – of zelfs belangrijker dan dat werk.