Hoezo, moeilijk vervulbare vacatures

In een artikel met als treffende titel ‘The Myth of the Hard-to-fill Job’ rekent ere.net af met het verschijnsel ‘moeilijk vervulbare vacature’. Van die vacatures die hardnekkig ‘open’ blijven staan, waarbij het maar niet lukt om de functiebeschrijving te matchen met een persoon van vlees en bloed.

Het kan tot een hoop paniek leiden in organisaties. Gesputter over ‘cruciale’ taken die blijven liggen. Boze blikken over en weer. Wat moet je doen als je te maken krijgt met de werving voor zo’n baan waar niemand voor te vinden lijkt?

Ten eerste: er zijn geen moeilijk te vervullen vacatures. Er zijn wel vacatures waar slecht over nagedacht is. Er zijn verkeerde praktijken. En er zijn moeilijke managers.

Slecht nadenken

Het is verbazingwekkend hoeveel vacatures er nog gepubliceerd worden waarbij de lijst met functie-eisen moeiteloos toe te passen valt op twee of drie afzonderlijke personen. Waar soms naar tegengestelde eigenschappen wordt gevraagd. Slagvaardig én zorgvuldig. Zelfstandig én teamplayer. Nou zijn mensen tegenwoordig ongetwijfeld heel veelzijdig, maar er zijn grenzen. Het beruchte ‘schaap met vijf poten’ bestaat niet en er naar zoeken heeft dan ook geen enkele zin.

Ook komt het voor dat er functie-eisen worden gesteld die bij goed kijken helemaal niet nodig zijn. Waarom zou een postkamermedewerker over ‘organisatiesensitiviteit’ moeten beschikken?

Verkeerde praktijken

‘Het net breed uitgooien’ – zeker als het gaat om een specifieke baan, is het breed formuleren en uitzetten van een vacature zeer contraproductief. Een voorbeeld daarvan is de functie-eis: ‘HBO/WO-niveau’. Een HBO’er denkt: “Ze hebben vast liever een WO’er”. Een WO’er denkt: “Als een HBO’er het ook kan, is het niks voor mij”. Zo’n omschrijving werkt dus niet; die kunnen mensen niet op zichzelf betrekken en het zal hen dan ook niet aanspreken.

Ook een benadering die alleen maar eist, is een no-go. Belangrijke vraag voor de ontvangers is: “Wat zit er voor mij in?”. Die vraag zul je moeten beantwoorden. Zeker als je vacature ‘moeilijk’ is omdat het aanbod klein is. Dan zul je des te meer de nadruk moeten leggen op de voordelen van de baan voor degene die je zoekt.

Tot slot kan een ongelukkige mediakeuze een verkeerde praktijk zijn. Je moet daar zijn, waar je doelgroep ook is. Of dat nou de krant is, een sociaal netwerk of de winkelstraat.

Moeilijke managers

De oorzaak van dit soort problemen ligt vaak bij de manager die de vacature heeft – die is ‘moeilijk’. Maar eigenlijk is de manager niet moeilijk, de manager wordt slecht geadviseerd en heeft daardoor het gevoel dat hij/zij ‘het zelf moet doen’. In dat geval wordt er volledig op safe gespeeld: “We zetten alles erin en we publiceren in de krant die ik zelf lees, dan weet ik tenminste zeker dat  het goed gaat”. Maar managers willen doorgaans maar één ding: dat iemand hun probleem oplost op een manier waar ze vertrouwen in hebben.

Wat te doen

Hoe kun je nu omgaan met ‘moeilijk vervulbare vacatures’?

  • Kijk kritisch naar de functie-eisen en zorg vervolgens voor een duidelijke formulering. Vraag je af wat écht belangrijk is en zet dat in je eisen. Niet meer, niet minder.
  • Wees niet bang om ‘onvolledig’ te zijn; op het moment dat je je vacature kenbaar maakt – hoe dan ook en waar dan ook – is je enige doel: de aandacht trekken van de juiste persoon en hem/haar aanspreken op wat hij/zij belangrijk vindt. Alle overige informatie komt later wel.
  • Laat je oren niet hangen naar een zenuwachtige manager, maar laat zien hoe je van plan bent om dit varkentje te wassen en vooral: waarom je deze aanpak hebt gekozen. Zorg dat je dat vertrouwen krijgt door goed te adviseren.
  • Oriënteer je goed op de doelgroep: vraag je af wat zij belangrijk vinden in een baan en leg daar de nadruk op. Zoek uit welke kanalen zij benutten voor hun baanzoekgedrag en sluit daarbij aan.

Doe je dat, dan zal blijken dat er uiteindelijk maar heel weinig vacatures écht moeilijk vervulbaar zijn.