Ik heb geen employer brand, dus ik besta niet

In de categorie ‘Merkwaardig nieuws als gevolg van typisch onderzoek’ beweert Careerbuilder dat de helft van de ondernemingen géén employer brand heeft. Van die helft is 12% wel bezig om een employer brand ‘te ontwikkelen’.

Ik vind dat fascinerend. Alsof je zegt: ik heb geen karakter. Kleine kinderen doen hun ogen dicht en denken dat ze dan ook niet gezien kunnen worden. Maar als je iets niet kunt zien, niet kunt vastpakken of niet hebt benoemd, wil dat niet zeggen dat het er niet is. En dat geldt ook voor wat ‘men’ denkt over organisaties.

In het boek Organisatie en personeelsmanagement; Resultaatgericht Human Resources Management (dat vandaag officieel gepresenteerd wordt) heb ik samen met Ton Rodenburg – en met heel veel plezier – het hoofdstuk Arbeidsmarktcommunicatie en recruitment geschreven. In de paragraaf over employer branding wordt terecht opgemerkt dat “werkelijk enthousiasme voor een werkgever bepalend (is) voor de verhalen die naar buiten komen”. Die verhalen komen altijd naar buiten. Dat beeld ontstaat toch. Daar moet je je altijd van bewust zijn, sterker nog: je employer brand kun je maar beter (zelf) vaststellen en actief uitdragen.

Veranderingen

Maar dat uitdragen is geen reclame (meer). Employer branding heeft de laatste jaren – niet in het minst onder invloed van de online sociale media – een aantal veranderingen ondergaan:

  • Van communicatie naar integraal beleid: het werkgeversmerk gaat steeds meer fungeren als kompas voor alle activiteiten die zijn gericht op aantrekkelijk(er) werkgeverschap.
  • Van buiten naar binnen: een sterk werkgeversmerk begint intern. Medewerkers treden dan op als ‘ambassadeur‘ van het merk.
  • Van nu naar de toekomst: de trend is om minder te denken in het ad hoc vacatures opvullen, maar meer in het duurzaam bouwen aan een continue stroom potentiële medewerkers (via bijvoorbeeld talentpools of communities).
  • Van vast naar flexibel: flexibele netwerkorganisaties onderhouden een (werkgevers)relatie met een veel bredere groep, waarin ook interimmers, uitzendkrachten en toeleveranciers zitten.

De uitspraak aan het begin van dit verhaal getuigt van grote onnozelheid. Niet alleen voor die helft die beweert ‘geen employer brand’ te hebben, maar ook voor die 12% van de helft die er blijkbaar mee ‘aan de slag’ is. We zullen maar hopen dat ze de vier hierboven genoemde punten goed in de gaten hebben.

Een gedachte over “Ik heb geen employer brand, dus ik besta niet”

Reacties zijn gesloten.