vacatures

Vacatures zijn geen vacatures meer

Via een – ietwat onnavolgbare – statistische manoeuvre, concludeert Recruitment Matters iets merkwaardigs: de omvang van de werkloosheidsstijging in Nederland is (veel) groter dan je zou verwachten op grond van de – relatief beperkte – krimp van het vacaturevolume.

vacatures

In gewoon Nederlands: het aantal werklozen neemt toe, maar het aantal vacatures neemt niet in gelijke mate af. Iets dergelijks werd hier ruim een jaar geleden ook al geconstateerd en het is intuïtief inderdaad een rare situatie. Je zou verwachten dat het aantal vacatures min of meer omgekeerd evenredig is aan het aantal werklozen. Maar als je even verder denkt en de situatie in de samenleving, de huidige economie en op de arbeidsmarkt in ogenschouw neemt, is het dat niet.

De crisis van 2009 heeft de wereld in financiële rampspoed gestort, maar sindsdien is ook de manier waarop we van oudsher naar de arbeidsmarkt kijken min of meer waardeloos geworden. Voorspelde bijvoorbeeld de arbeidsmarktprognose 2007-2012 van het CWI – gezellig extrapolerend – dat er eind 2012 400.000 niet-werkende werkzoekenden zouden zijn, volgens het CBS waren dat er in december 2012 552.000. Maar waar was de voorspelling van het CWI op gebaseerd? Op een krankzinnige en deels kunstmatige hoogconjuctuur. Eigenlijk hadden we de economie zó opgeblazen, dat het hardhandige boem is ho van nu, achteraf kijkend, niet zo verwonderlijk is. Er zijn dingen écht veranderd.

Vrije werkers

Want er is meer aan de hand dan alleen een laagconjunctuur. De crisis gaat namelijk min of meer gelijk op met een andere ontwikkeling: de eindelijk – na twintig jaar – doorbrekende en door diezelfde crisis aangejaagde flexibilisering van de arbeidsmarkt (een verschijnsel dat Max Weber ‘Wahlverwandtschaft’ noemde: fenomenen die elkaar wederzijds versterken in hun bestaan of opkomst). Wat we voor het gemak ‘vacatures’ noemen, is feitelijk gewoon ‘werk’. Iets waarvan er nog altijd meer dan genoeg is en dat gedaan moet worden. Maar door wie? Waarom zou je je als werkgever in crisistijd ‘binden’ als het aanbod aan flexibel personeel enorm is? Als je kunt kiezen voor iemand voor wiens ziekte- of werkloosheidsuitkering je niet verantwoordelijk hoeft te zijn? Uit budgettair oogpunt is de keuze niet moeilijk. En al dat werk staat wel als vacatures in de statistiek vermeld (plus), maar de gemiddelde werkloze komt er niet voor in aanmerking (niet-min). De ‘vrije werkers’ wél, maar die zie je in de werkloosheidsstatistieken niet terug.

Mismatch

Met enige goede wil kun je deze ontwikkeling als ‘positief’ bestempelen: veel mensen zijn meer en meer de bestuurder van hun eigen leven en loopbaan, weten zichzelf daarin te handhaven en toegevoegde waarde te leveren voor hun opdrachtgevers. Al zit er vanzelfsprekend ook een negatieve kant aan: het risico op uitbuiting en/of misbruik. Maar er is nog een tweede verklaring voor de discrepantie aantal vacatures/aantal werklozen en deze is bepaald niet nieuw: het aanbod aan werklozen matcht niet met de vraag. De arbeidsmarkt levert niet wat hij moet leveren: 300 marketeers opteren voor één vacature, we kunnen uit vele administratief medewerkers kiezen, maar het is hangen, wurgen en sleuren om een specifieke techneut te vinden. En die lang openstaande vacatures? Tja, die komen telkens in de statistiek terug.

De combinatie van meer ‘vacatures’ vervullen met flexibele of zelfstandige krachten (die niets doen voor de afname van de statistische werkloosheid) en de kwalitatieve en kwantitatieve mismatch tussen vraag een aanbod, vormen de verklaring voor het feit dat er wél werk is, maar óók een hoop werklozen. Het zal niet in een paar maanden gepiept zijn, maar het lijkt toch of er daardoor hoop gloort.