Mensen kosten gewoon een hoop geld. Punt.

Mensen zijn ons belangrijkste kapitaal, wordt nogal eens gezegd. Heel vaak, eigenlijk. En sommigen vragen zich daarom af hoe het kan dat deze blijkbaar zo wezenlijke bezittingen als kosten op de balans staan en niet als opbrengsten. Weer anderen wringen zich in allerlei bochten om op de een of andere manier uit te rekenen wat een werknemer kost versus wat hij of zij opbrengt. En vragen zich af of je een vacature wel moet opvullen als een medewerker niet minstens het eigen salaris ‘terugverdient’.

Menselijk kapitaal

Tja, ik denk dat er maar één organisatie is die met de hand op z’n hart kan verklaren dat ze altijd (royaal) meer opleveren dan ze kosten en dat is de Belastingdienst. Voor de meeste bedrijven is het, zeker in deze tijd, schipperen tussen wat er aan ‘winst’ binnenkomt en wat er aan ‘kosten’ uitgaat en een flinke opgave om ervoor te zorgen dat het eerste getal groter is dan het tweede. Tot op grote hoogte is het oninteressant waar die kosten precies in zitten. De discussie rondom ‘menselijk kapitaal’ is dan ook een hele rare.

Om een organisatie te laten functioneren, is er van alles nodig. Kantoren of fabrieken. Machines, computers, telefoons, printers, briefpapier. Auto’s, treinen, trams of busjes. Websites en systemen. Het kost allemaal geld. En inderdaad: je hebt ook medewerkers nodig. Menselijk kapitaal. Het woord zegt het al: die kosten óók geld.

Tegenwaarde

Nu leveren sommigen meer op dan ze kosten. Een consultant verdient met een leuk adviestraject zijn of haar eigen salaris makkelijk terug, inclusief de kosten van de leasebak. Een keukenverkoper heeft met een handvol keukens per maand zichzelf er ook wel uit. Maar anderen leveren totaal niets op of op z’n best iets dat alleen maar met omwegen te kwantificeren valt. De receptionist(e) bij een reclamebureau verdient zijn of haar salaris met het verwelkomen van klanten of het aannemen en doorverbinden van telefoongesprekken natuurlijk nooit terug. Daar betalen de klanten immers niet voor, tenminste, niet rechtstreeks. De ‘tegenwaarde’ van deze medewerkers zit dan in zaken als ‘klantgerichtheid’ of ‘bereikbaarheid’. Dergelijke zaken zijn nogal lastig te benoemen. Als alles crescendo gaat, is dat geen enkel probleem.

Aan de kant zetten

Maar als het slecht gaat met een bedrijf, als de kosten hoger zijn dan de inkomsten, zijn maatregelen nodig. Ofwel de inkomsten omhoog, danwel de kosten omlaag. Dat geldt voor mij als ZZP’er, dat geldt voor de slager op de hoek en ook voor een multinational. Mensen zijn dan – net als al die andere ‘productiemiddelen’ – gewoon een kostenpost waarop bezuinigd kan worden. Hoeveel ‘toegevoegde waarde’ ze ook hebben. Het is een werkelijkheid die inmiddels door 613.000 werklozen aan den lijve wordt ondervonden. Ook zij vormden ooit ‘menselijk kapitaal’ – om vervolgens te ontdekken dat ze net zo gemakkelijk aan de kant kunnen worden gezet als de machine die niet genoeg productie meer levert.

Ik stel daarom voor dat we ophouden met de sleetse mantra dat mensen zo’n belangrijke asset zijn. Mensen kosten geld. Punt. De uitdrukking ‘menselijk kapitaal’ is niet meer dan de zoveelste onzinmetafoor in HR-land en als we ‘m afschaffen scheelt dat een heleboel wollig taalgebruik, zand-in-de-ogen-strooierij en overige flauwekul. Dat zou ik persoonlijk de grootste winst vinden.