Categorie archief: Infographic

Grappige, opvallende of anderszins belangwekkende zaken, feestelijk gepresenteerd in een voor iedereen begrijpelijk jasje.

De verhouding tussen stress en productiviteit

Een gemiddelde werkdag bestaat uit een afwisseling van stress en productiviteit, lijkt de infographic van deze zaterdag te zeggen. In een soms gezamenlijk opgaand, en soms tegenstrijdig optreden. Waar een midmorning top in productie – in gang gezet door het knagende gevoel dat je eigenlijk nog niks gedaan hebt – in een mum van tijd kan omslaan in een piek van stress, bij de realisatie dat je bijna je lunch vergeten bent. Waarna een diep gevoel van welbehagen wordt gevolgd door het schuldgevoel dat je twee uur later nóg naar YouTubefilmpjes zit te kijken.

De verhouding tussen stress en productiviteit

(Klik op de afbeelding voor een vergroting)

Ergens tussen drie en vier krijg je een briljant idee: het is tijd voor een brainstorm. Productiviteit knalt omhoog! Maar amper een uur later is het besef daar: het gaat niks meer worden vandaag. Je geeft toe, en maakt meteen een goed voornemen: morgen gaat het beter. Wat waarschijnlijk niet het geval is, want alleen al 14 keer op een dag je mail checken lijkt mij een recept voor continue stress.

Lifehacking

Maar we kunnen er grapjes over maken, dat doet niet af aan het feit dat meer mensen dan voorheen zich gespannen voelen. Het zijn onzekere tijden en dat heeft z’n weerslag op de productiviteit. Al was het alleen maar omdat mensen stug doorgaan en zich niet ziek willen melden. Maar ook als dat niet aan de hand is, zou je nog zware stress krijgen van alle productiviteitsverhogende methodieken die ons tegenwoordig worden aangereikt, van Lifehacking en trainingen om je inbox sneller leeg, c.q. niet zo vol te krijgen tot blogs die wel acht, tien of zelfs twaalf manieren weten om ons nóg harder te laten werken.

De laatste

Ik ga juist minder hard werken, al moet ik nog zien wat dat met m’n stressniveaus doet. Maar dit was in elk geval de laatste infographic op wervingsvisies. Tenminste, de laatste in de vaste zaterdagrubriek; misschien kom ik er zo nu en dan nog eentje tegen die ik nog wel wil delen. Maar je hoeft infographics in het algemeen niet te missen: zoals ik vorige week al zei, die dingen hebben zich als een muizenplaag over het internet verspreid, je loopt er altijd wel één tegen het lijf. Vooral Pinterest staat stampvol.

En o ja, de exemplaren over Big Data, contentmarketing, het verschil tussen mannen en vrouwen en over engagement liggen hier nog steeds. Iemand belangstelling?

Hoe infographics het internet laten exploderen

Infographics hebben zich de afgelopen jaren als een soort muizenplaag razendsnel over het internet weten te verspreiden. Veel mensen vinden die dingen leuk. Anderen vinden het een kleutermanier om informatie over te dragen. Tot deze laatste categorie lijken de makers van de infographic van deze zaterdag te behoren. Ze lepelen wat verontrustende ‘data’ op. Het maken van dit soort afbeeldingen neemt met 1% per dag toe. Als ze allemaal tegelijk worden gedelete, ontstaat er een explosie. Gevolg: infographics gaan de apocalyps veroorzaken.

Hoe infographics het internet laten exploderen

(Klik op de afbeelding voor een vergroting)

Ik denk dat het met het einde der tijden nog wel meevalt. Maar het is triest om te lezen dat 62% van de lezers van infographics er niet in weet te slagen om informatie op een andere manier te snappen dan met behulp van plaatjes en grote letters. En dat 23% van alle infographics jonge hondjes laat janken. En bovendien: dat 96% van de informatie in infographics onjuist is (de overige 2% is niet van belang).

Dommer

Sinds 1 oktober 2011 doe ik mee aan de geschiedvervalsing door elke zaterdag klokslag 12 uur zo’n ding te publiceren. Ik weet niet of ik er nog wel mee door moet gaan. Zeker niet sinds ik heb geleerd dat degenen die de bovenstaande infographic van boven naar beneden hebben gelezen, in de tussentijd 12% dommer zijn geworden. Want als dat zo is, geldt het misschien ook wel voor andere exemplaren. Of misschien is dat óók niet waar of valt het in de 2% ‘niet van belang’. Maar ik wil het niet op m’n geweten hebben. Ik stop er mee.

Niet alleen om de hierboven genoemde reden, overigens. Het valt me al weken niet (meer) mee om echte goeie te vinden (die niet ook al op allerlei andere plaatsen kunnen worden aangetroffen) en ik wil het niveau hier toch een beetje bewaken. Ze worden niet zo heel goed gelezen. Ze beginnen me een beetje te vervelen. En het kost een hoop tijd, tijd die ik niet altijd heb, bijvoorbeeld omdat ik tegenwoordig elke week ook een bijdrage mag leveren op RecruitmentMatters – waar vooral het reageren op reacties best veel tijd kost. Wat een kletskousen daar.

Ik heb dus besloten dat het klaar is. Bijna, tenminste. Er komt er nog één, volgende week. Over stress. En daarna wordt het hier op zaterdag stil.

P.S. Ik heb er nog een paar liggen. Over Big Data, contentmarketing, het verschil tussen mannen en vrouwen en over engagement. En nog eentje over de Angry Birds. Wie ze hebben wil, mag ze komen halen.

Wat je liever van te voren geweten had

Een nieuwe baan is vaak een sprong in het duister. Hoe goed je je ook van te voren georiënteerd hebt, als je eenmaal binnen bent, ontdek je altijd dingen die niet bekend waren. Soms als een positieve verrassing – hé, één keer in de week Indisch eten in de kantine! Maar soms ontdek je tijdens je eerste dag, week of maand zaken die vallen in de categorie ‘vuile was’ en die gedurende de procedure duidelijk niet buiten heeft gehangen. Van die zaken waarvan je denkt: als ik dát had geweten… Daarover gaat de infographic van deze zaterdag voor Pinksteren.

Wat je liever van te voren had geweten van je nieuwe baan

(Klik op de afbeelding voor een vergroting)

Of het er nu om gaat dat de tent eigenlijk failliet is, of dat het er – in tegenstelling tot de verhalen tijdens het sollicitatiegesprek – helemáál niet zo ‘informeel’ aan toegaat of dat de functie uiteindelijk een stuk minder leuk, interessant, uitdagend of wat ook is: het zijn dingen die je liever van te voren had geweten.

Beschermen

Hoe kun je jezelf nu ‘beschermen’ tegen dat soort teleurstellingen? De infographic noemt zes manieren waarop dat kan:

  • Zorg dat je alles op schrift hebt: zowel de functiebeschrijving als het uiteindelijk onderhandelde aanbod.
  • Verdiep je in de geschiedenis van de functie: waarom is het een vacature en hoeveel mensen hebben deze baan de afgelopen vijf jaar uitgevoerd?
  • Leer de mensen kennen: vooral degenen aan wie je toekomstige baas verantwoording moet afleggen (en vraag wat ze van hem/haar vinden).
  • Gebruik LinkedIn: bekijk hoeveel medewerkers daar een profiel hebben of wat je connecties van de organisatie weten.
  • Beoordeel de financiële positie van de organisatie: jaarrekeningen, verdien- of businessmodellen.
  • Bekijk het nieuws: zoek via Google wat er in de media over de organisatie gezegd wordt.

Het zijn geen keiharde garanties tegen alles wat er in een nieuwe baan mis kan gaan. Maar zo weet je in elk geval meer dan niks en zeg zou zelf: in deze tijd is het bepaald niet onverstandig om beslagen ten ijs te komen.

Hoe je rustig een tukje kunt doen tijdens het werk

Behalve voor ZZP’ers, die in een gemoedelijke afwisseling van work en play hun dagen, weken en maanden vullen, is ‘werken’ voor de gemiddelde persoon over het algemeen een vermoeiende aangelegenheid. Vroeg opstaan, misschien kids die schoon en fris en als het even kan voorzien van gezonde lunchtrommeltjes op tijd op school moeten zijn, met een beetje pech een file of een vertraagde trein erachteraan en dan de hele dag maar scherp zijn… Voor je gevoel zit de dag er soms al op tegen de tijd dat-ie eigenlijk nog moet beginnen.

Niet zo gek dat je op je werk wel eens een beetje wilt bijslapen. En de infographic van deze zaterdag laat zien hoe je dat kunt doen zonder dat het opvalt.

Hoe je rustig een tukje kunt doen tijdens het werk

(Klik op de afbeelding voor een vergroting)

Sommige methodes vergen nogal wat voorbereiding en/of requisieten. Maar er zijn er een paar die briljant zijn in hun eenvoud. Wat te denken van het doen van een tukje onder je bureau? Niemand kijkt daar immers ooit? En als je een beetje een flink bureau hebt, is het nog best comfortabel ook, zeker in een fijne slaapzak (suggestie:  neem er één in camouflageprint).

Power nap

Een dutje doen achter een boek of jezelf levensgroot uitknippen en in een werkhouding neerzetten, kan ook. Dergelijke cut outs zijn prima online te verkrijgen; je hoeft er alleen maar een ander hoofd op te plakken. En duidelijk maken dat een power nap onderdeel is van je cultuur en dat die cultuur héél belangrijk voor je is, is ook een manier om ongestraft even je ogen dicht te doen.

Maar zonder dollen: het blijkt dat we de laatste honderd jaar gemiddeld één uur per nacht minder zijn gaan slapen. En hoewel dat voor sommigen geen probleem is, is het dat voor velen wél. Er is dan ook een levendige handel ontstaan in kortdurende slaapondersteunende middelen, zoals speciale bureauhoofdkussens. Er is zelfs een ‘wetenschap’ voor: sleeponomics. Allemaal leuk en aardig, maar het werkt waarschijnlijk het beste om gewoon bijtijds naar bed te gaan. Zoals een oude overtuiging luidt: de uren vóór twaalf uur tellen dubbel. Welterusten straks.

Hoe je een consistent online merk kunt bouwen

Afgelopen donderdag kon je hier lezen over ‘schizofrene’ of inconsistente brands. Hoe het ene gezicht van het merk kan afwijken van het andere. Hoe gedrag soms kan afwijken van gepredikte uitgangspunten. En dat ik dat niet gewenst vind… Maar ga er maar eens aan staan: het valt om de drommel niet mee om zo’n eenduidig gezicht te laten zien. En het is helemaal een hachelijke onderneming als je kijkt naar alle online ontwikkelingen van de laatste jaren. Hoe moet je dat aanpakken?

Merk bouwen

(Klik op de afbeelding voor een vergroting)

Daarover gaat de infographic van vandaag, die – in een zeer aardige vormgeving – de route uitstippelt naar consistente, online branding. Deze route kent tien tussenstops:

  • Ken je publiek
  • Stem je boodschap op hen af
  • Zorg voor consistentie
  • Hou het ontwerp gelijk op elk platform
  • Maak het mensen makkelijk
  • Heb geduld
  • Doe mee aan de conversatie
  • Meet de resultaten
  • Verfijn je aanpak
  • Doe dit continu

Persoonlijk denk ik dat de meeste organisaties de meeste moeite zullen hebben met punt 6… Geduld is echter een schone zaak. En laten we wel zijn: het is wel leuk om ermee bezig te zijn.

Hoe Nederland naar de inhuldiging kijkt

Aanstaande dinsdag is het zo ver. Dan krijgen we een nieuw staatshoofd, voor het eerst in meer dan honderd jaar een koning. Meer nog dan in 1980 zal het een mediaspektakel zijn, dit keer hopelijk zonder dat Amsterdam erbij wordt afgebroken. De infographic van deze zaterdag laat zien hoe Nederland van plan is om het hele gebeuren te ondergaan.

inhuldiging

(Klik op de afbeelding voor een vergroting)

NS zal zijn uiterste best doen om iedereen die er live bij aanwezig wil zijn, heelhuids naar en van Amsterdam te brengen, maar we kunnen natuurlijk nooit met z’n allen terecht in onze hoofdstad. De meesten van ons zijn dus aangewezen op de televisie om getuige te zijn van wat door 70% nu al wordt beschouwd als het meest memorabele tv-moment van 2013. En wat door 50% de gehele dag zal worden bekeken, waar 26% zich heeft voorgenomen om het met de samenvatting ’s avonds te doen en 16% het nog niet weet.

Meivakantie

Overigens is meer dan de helft – ruim 56% – niet van plan om ervoor thuis te blijven. Soms gaan ze samen met anderen kijken. Of ergens op een groot scherm in de buitenlucht (hopelijk niet in de regen). En weer anderen zijn er gewoon niet – 30 april valt weer eens midden in de meivakantie – en niet iedereen heeft wifi bij de hand.

Hoe dan ook, dat van de memorabele dag onderschrijf ik wel. En ik wens alvast iedereen heel veel plezier.

Hoe onze productiviteit tóch nog omhoog kan

Er moeten heel wat tandjes bij, volgens de leden van het ‘exclusieve’ en ‘toonaangevende’ netwerk Business Leaders (die in hun naïviteit slechts worden overtroffen door het ‘groene waas’ van onze minister-president). Er moet een andere cultuur komen in organisaties (daarover meer de komende week) en medewerkers moeten zichzelf meer ontwikkelen. En vooral: ze moeten productiever worden. Wat dat laatste betreft: de infographic van deze zaterdag geeft antwoord op de vraag: hoeveel rek zit er eigenlijk nog in?

Productiviteit omhoog

(Klik op de afbeelding voor een vergroting)

Anders gezegd: hoeveel tijd wordt er doorgebracht met zaken die niets met het werken zelf te maken hebben? Best veel, blijkt: afhankelijk van de sector kan het gaan om bijna 2,5 uur per dag. Daarvan wordt 7% doorgebracht met persoonlijke beslommeringen, 23% met gezellig geklets en 25% met ‘andere activiteiten’. Maar de grootste productiviteitskiller is – het zal niemand verbazen – het surfen op internet op niet-werkgerelateerde sites. En bijna de helft daarvan komt voor rekening van de sociale netwerken.

Verbeuzelen

Wie denkt dat het vooral gaat om vrouwen die hun tijd verbeuzelen op Twitter, heeft ongelijk. Maar liefst 69% van de mannen levert kostbare productieve tijd in (overigens ook nog altijd 62% van de vrouwen). Dat gebeurt vooral op Facebook en LinkedIn. En waarom doen ze dat? Waarom besteden ze door de baas betaalde tijd aan zaken die niets met de baas te maken hebben? De belangrijkste redenen zijn:

  • Niet (voldoende) uitgedaagd worden
  • Te lange dagen maken
  • Onvoldoende gestimuleerd worden
  • Ontevreden of verveeld zijn
  • Te weinig verdienen

Ruim een kwart van de werktijd gaat dus verloren omdat mensen zich niet senang voelen. En ze ofwel op zoek gaan naar verstrooiing via Facebook of naar een andere baan op LinkedIn.

Optimale tijdverprutsduur

Voor de simpele denkers onder de Business Leaders ligt de oplossing voor het productiviteitsprobleem voor de hand: sluit Facebook, LinkedIn en Twitter af op het werk en de winst is direct een productiviteitsverhoging van 20%. Anderzijds… Misschien werkt het beter als ze het door hen gepropageerde ‘inspirerend  leiderschap’ inzetten om hun mensen meer uit te dagen, minder te vervelen en – last but not least – met enige regelmaat een complimentje te geven. Dan mogen ze van mij gaan streven naar de optimale ‘tijdverprutsduur’ van één uur per dag.

Wat we meten met HR metrics

Wat wordt het meest gemeten in HR? Volgens de infographic van deze zaterdag zijn dat: verloop, competenties en productiviteit. Ook aan de samenstelling van het personeelsbestand en de mate van betrokkenheid wordt regelmatig aandacht besteed. Recruitment komt er een beetje bekaaid af; slechts 4% meet daarbij consequent.

hr-metrics

(Klik op de afbeelding voor een vergroting)

En áls ze dan meten, gaat het in de helft van de gevallen over geld: wat heeft het gekost om iemand aan te nemen? Of de kosten van tijdelijk personeel. En dan zijn organisaties tot slot ook nog wel een beetje nieuwsgierig hoe ze te boek staan onder starters. Ik heb geen idee van het achterliggende onderzoek, maar het verbaasde me wel een beetje.

Accountability

Is dat niet erg weinig? Hou me ten goede, iedereen die dit blog regelmatig leest, weet ik dat ik in het geheel geen diehard metrics believer ben. Integendeel, meten maakt soms meer kapot dan je lief is. Maar alleen maar willen weten wat het kost om iemand aan te nemen, vind ik zelfs minimaal. Nee, metrics moeten geen doel op zich worden, maar met de roep om meer accountability in HR heb je toch data nodig die bij kunnen dragen aan beter presterende medewerkers, snellere procedures, efficiënter gebruik van middelen, meer diversiteit en een sterk(er) employer brand. En niet alleen maar de vraag beantwoorden hoeveel geld je kwijt bent.

Afijn, er is nog wel wat werk aan de winkel, zullen we maar zeggen.

De zeven eigenschappen van een slechte manager

We kennen allemaal de bestseller van wijlen Stephen Covey: de ‘Seven Habits of Highly Effective People’. Zeven eigenschappen – van pro-actief tot synergetisch – die ten grondslag liggen aan het succes van bepaalde mensen. Zeven is blijkbaar een magisch getal; naast deze zeven kenmerken kennen we bijvoorbeeld ook de Zeven Hoofdzonden – waarbij Hoogmoed de hoofd-hoofdzonde, de moeder aller zonden lijkt te zijn (en al een jaar of wat aanleiding voor een flinke economische crisis). Ook de infographic van vandaag hanteert het getal zeven: welke zeven eigenschappen zien we bij slechte managers? Dat ze een ramp zijn, kon je hier vorige maand al lezen. Mensen worden er ongelukkig van en het kost nog een hoop geld ook. Maar wat maakt een manager nou slecht?

De zeven eigenschappen van een slechte manager

(Klik op de afbeelding voor een vergroting)

Het komt erop neer dat de aller-, allerslechtste manager een betweterige, disloyale, bemoeizuchtige en ongeduldige jerk is, die zijn of haar medewerkers in het openbaar afvalt en zich nooit aan afspraken houdt.

Mutsig

Gelukkig zullen er niet veel zijn die al deze eigenschappen in zich verenigen; dat zou wel erg triest zijn. Maar geen enkele leidinggevende ontkomt eraan om op z’n minst één of meer trekjes bij zichzelf te herkennen. Al is het maar om iedereen wel eens onder druk wordt gezet en vervolgens anderen onder druk moet zetten om doelen te behalen of problemen op te lossen. Ik beken: ik heb ook wel eens gedacht dat ik het beter wist dan de medewerker die ik juist had aangenomen om het beter te weten dan ik en ik heb ook heus m’n verhaal wel eens doorgedramd. En kom op: moet kunnen. Soms. Maar één ding is wat mij betreft de hoofd-foute eigenschap van een slechte manager: het niet geven van positieve feedback. Dat klinkt misschien mutsig, maar niets maakt mensen blijer dan een compliment op z’n tijd. En hoeveel moeite kost het nou?

Hoe print het hoofd boven water houdt

“Er komt van alles bij, maar er gaat maar weinig af”, is een zin die je hier met enige regelmaat kunt lezen. Dat slaat dan meestal op de vraag of bepaalde media in staat zijn om andere uit de mix weg te drukken. Print is zo’n medium dat al jaren op de nominatie staat om uit te sterven, maar op de een of andere manier gebeurt het maar niet. Ook de infographic van deze zaterdag laat zien dat print absoluut niet dood is. En bovendien een bedrijfstak is om rekening mee te houden.

Waarom print nog springlevend is

(Klik op de afbeelding voor een vergroting)

Zo blijkt dat in Amerika elk jaar $640 miljard dollar omgaat in de printindustrie; ‘print’ in dat geval als alles wat op papier gedrukt wordt. Variërend van visitekaartjes tot tijdschriften. Dat is meer dan in de auto-, de muziek- of de game-industrie.

Brok bits en bytes

Print wordt ook – nog steeds? – goed gelezen. Op de een of andere manier lijkt iets dat je kunt vastpakken, iets stoffelijks, een grotere ‘waarde’ te hebben dan een brok bits en bytes die langsflitst op een beeldscherm. Dat is ook een belangrijke reden waarom ik mijn boek niet snel als e-book zal uitbrengen: zolang het een substantieel object is, verwacht ik meer aandacht voor de inhoud (en het voelt meer als een ‘geschenk’). Dat print goede aandacht oplevert, blijkt ook uit het feit dat sinds 2004 de respons op direct mail acties is gestegen met 14%; de respons op email marketing is met meer dan de helft gedaald. Voor elke $167 die adverteerders spenderen aan een direct mail, staat $2095 aan inkomsten; een ROI van 1300%.

Print kan een rol spelen bij het temporiseren van de informatiestroom, wat we in deze tijd van data overload wel kunnen gebruiken. En het is nog goed voor het milieu ook: wie een krant op papier leest, produceert 20% minder CO2 dan bij het online lezen. Het gebruiken van een computer vraagt bijna 2,5 keer zoveel energie als de productie van al het papier dat iemand in een jaar leest. De spam die verstuurd wordt, kost jaarlijks 33 miljard kilowattuur aan elektriciteit.

Print leeft nog.

Wat de banen van de toekomst zijn

Mijn oudste is bijna 17, zit in klas 5 van het gymnasium en doet volgend jaar eindexamen. Dat lijkt nog waanzinnig ver weg, maar voor zo ongeveer alle instellingen voor hoger onderwijs is hij nu al een gewilde prooi. De uitnodigingen voor open dagen en andere wijzen van oriëntatie op een vervolgstudie komen massaal dit huis en zijn mailbox binnen. Zelf heeft hij nog geen flauw idee – of liever: ik heb geen flauw idee of hij zelf al een idee heeft. Hopelijk wordt het iets dat hij leuk vindt. Maar een belangrijke overweging bij de keuze van een studie is tegenwoordig ook: kún je er later wat mee? Wat zijn de banen voor de toekomst? Dat is precies waar de infographic van deze zaterdag antwoord op geeft.

Banen van de toekomst

(Klik op de afbeelding voor een vergroting)

Persoonlijk heb ik hem trouwens aangeraden om een uitvaartonderneming te beginnen, bij voorkeur eentje die zich onderscheidt van alle koffie-en-cake verwerkende bedrijven waar we nu nog vaak toe veroordeeld zijn. Gezien de opbouw van de bevolking is dat een groeimarkt van jewelste. Maar er zijn meer future proof mogelijkheden, blijkt. Zeker als we nóg wat verder in die toekomst kijken.

Data-afval

Wat te denken van een ‘orgaanagent’? Iemand die zoekt naar geschikte organen voor degenen die een reserve-onderdeel nodig hebben? Of iemand die waakt over de veiligheid van je online aanwezigheid? Data-afvalverwerkers? Bankier voor alternatieve valuta? Tijdhackers? Maar ook de vraag naar duurzame energie en een veiliger voedselproductie of nieuwe vormen van onderwijs en zorg zullen hun weerslag gaan krijgen op het type werk dat er de komende jaren zal ontstaan.

Het lijkt een een geintje, zoals de infographic het presenteert. Maar wie goed rondkijkt op de arbeidsmarkt, ziet al dingen gebeuren, fundamentele veranderingen optreden. Door de vraag naar oplossingen voor problemen die er vijftig jaar geleden nog niet waren, wat inderdaad nieuwe typen banen oplevert. Maar ook door de flexibilisering, die volgens sommigen de spuigaten uitloopt en het langzaamaan verdwijnen van de middenklasse uit onze economie en samenleving. Ik hoop maar dat we met z’n allen óók oog blijven hebben voor de persoonlijke en maatschappelijke gevolgen van al die veranderingen.

Wat niet in een cv staat

Werkgevers besteden gemiddeld zes seconden aan het screenen van een cv en selecteren vervolgens vooral op formele eisen, kon je hier onlangs lezen. In zes seconden kun je ook niet zoveel meer dan dat: opleiding: check; ervaring: check; en – wat niet mag, maar natuurlijk toch gebeurt – leeftijd: check. Sommigen maken zich druk dat er op deze manier informatie over een kandidaat wordt gemist. Dat is waar, maar veel – relevante – informatie staat ook bij close reading niet duidelijk in het cv. Zegt de infographic van deze zaterdag.

cv

(Klik op de afbeelding voor een vergroting)

Wat je vooral niet leert uit het gemiddelde cv is: wat is dit voor iemand? Wat voor persoon gaat er schuil achter het stukje papier of profiel? Hoe houdt iemand zich in onverwachte situaties? Ziet iemand er wel of geen been in om onder werktijd privémail af te handelen of reisjes te boeken? Is iemand een beetje positief ingesteld of een kniesoor? En de infographic onderscheidt er nog vijf.

Woest kijken

Allemaal dingen die je best zou willen weten vóórdat je iemand aanneemt. Onder andere daarom zien we tegenwoordig een aantal buitenissige selectiemanieren. Om maar iets te noemen: solliciteren bij een paard. Idioot! Zat mensen zijn als de dood voor paarden: ze zijn groot, kunnen erg woest kijken en je moet maar net weten hoe je zo’n beest benadert. Of doen alsof je aan The Voice of Holland meedoet. Zielig! Hoe graag je ook wilt weten wat voor niet in taal te vatten eigenschappen een sollicitant heeft, dit lijken me bizarre praktijken en ik hoop dat ze snel verdwijnen. De vorm wint het volledig van de functie en áls er überhaupt al een eigenschap mee wordt gemeten, heb ik grote vraagtekens bij de validiteit ervan. Het is de omgekeerde wereld van nog geen 15 jaar geleden, toen sollicitanten schaars waren en werkgevers zich in vele bochten wrongen. Dat vonden we toen óók een foute situatie (en het heeft de nodige mismatches opgeleverd).

“A person is more than their resume”, zegt de infographic – terecht. En iedereen heeft daar een verantwoordelijkheid in. Sollicitanten die duidelijk moeten maken dat ze meer zijn dan een verzameling opleidingen en ervaringen. Aan werkgevers en recruiters de taak om goed, c.q. beter op te letten. Achter de dingen te kijken. Dat kost ze geen zes, maar misschien twintig, veertig of zestig seconden. Maar als we dat al niet willen investeren…

Waarom een slechte baas een ramp is

40% van de werknemers denkt dat hun baas niet hard werkt. 31% voelt zichzelf  niet gewaardeerd. En 20% vindt zijn of haar leidinggevende maar een oneerlijk type. Oei! Dat is niet best. Maar het zou allemaal nog tot daaraantoe zijn, ware het niet dat blijkt dat zo’n beroerde baas ook een slechte invloed heeft op de gezondheid van zijn of haar medewerkers. Althans, volgens de infographic van deze zaterdag.

(Klik op de afbeelding voor een vergroting)

Maar liefst 75% van de werknemers vindt de omgang met de baas namelijk uitermate stressvol en – zegt de World Health Organization – dat is een hele dure grap. Stress kost per jaar maar liefst $ 300 miljard dollar aan verzekeringen, ziektekosten en gederfde productiviteit. Vooral jongere medewerkers kunnen compleet ziek worden van een leidinggevende die vooral spanning veroorzaakt.

Dat is allemaal geen kattenpis.

Productiviteitsverhoging

Maar er gloort hoop. Er zijn namelijk genoeg manieren om een goede baas te zijn. Bijvoorbeeld door medewerkers te helpen om productief te zijn, door hen vaardigheden en goede werkmethoden aan te leren. Voor organisaties loont het zeer de moeite om vooral goede leidinggevenden te hebben: als een slecht functionerend type wordt vervangen door een goed functionerend, leidt dat tot een productiviteitsverhoging die vergelijkbaar is met het aannemen van een extra medewerker. En ook luisteren naar je medewerkers wil nog wel eens verrassend goed helpen (deze heb ik zelf verzonnen).

Er is dus best iets aan te doen. En die medewerkers die hun baas een lapzwans vinden? Misschien moeten ze zich er gewoon niet zoveel van aantrekken. En anders kunnen ze altijd nog voor zichzelf beginnen: eigen baas!

Hoe je offline kunt overleven

Met alle aandacht voor de veelheid aan mogelijkheden om online met elkaar samen te werken, vergeten we nog wel eens dat een groot deel van de organisatie- en kantoorwerkelijkheid nog altijd wordt gevormd door fysieke aanwezigheid. Door samen in een productiehal of kantoortuin te zijn, bijvoorbeeld. Of omdat veel beslissingen nu eenmaal worden genomen door met z’n allen om tafel te gaan zitten en erover te vergaderen. Wat gezien de titel van de infographic van deze zaterdag geen ongevaarlijke bezigheid is: “Are your meetings killing you?”

(Klik op de afbeelding voor een vergroting)

De makers van de infographic werden geïnspireerd door een boek dat Death by Meeting heet en dat ondanks zijn gevorderde leeftijd – het is uit 2004 – nog steeds zeer herkenbare situaties oplevert. Nadat lezers middels een testje kunnen ontdekken hoe (in)effectief de vergaderingen zijn waar zij doorgaans aan deelnemen, volgen de tips. Waarvan de belangrijkste wel is dat de lengte van de vergadering in verhouding moet staan tot het doel ervan:

  • Dagelijkse check-in: in 15  minuten de dag doornemen waarbij iedereen blijft staan.
  • Wekelijkse tactiek: 45-90 minuten en weersta de verleiding om over strategie te gaan praten.
  • Maandelijkse strategie: twee tot vier uur om te analyseren, te brainstormen en te beslissen.
  • Elk kwartaal één of twee dagen weg van kantoor voor een brede review.

De infographic eindigt met vijf tips voor succesvolle vergaderingen (doelen, duidelijkheid en ga conflict niet uit de weg) en dat is natuurlijk allemaal waar. Maar ik kan me vooral vinden in een vaststelling die niets met vergadertechniek of -tactiek te maken heeft, maar wel een enorme succesfactor is: all good meetings need good coffee!

Wat mensen doen met mobiel recruitment

Hotter than hot: mobiel recruitment. Iedereen aan de mobiele site of apps! Lang leve responsive design! Of niet? Misschien niet per se: een goed advies is: bekijk eerst eens wat je doelgroep is en wat ze precies doen op die mobiele apparaatjes van ze. De infographic van deze zaterdag doet daarvoor een voorzet.

(Klik op de afbeelding voor een vergroting)

En het eerste dat blijkt: 90% van de recruitmentsites was in 2011 niet mobiel toegankelijk. Dat percentage zal in 2012 wel wat lager liggen, maar vast nog niet onder de 50%… En hoewel het nog niet zo ver is, is al te lang wachten misschien niet slim: Nielsen voorspelt dat er in 2020 50 miljard ‘connected devices’ zijn; dat zijn er heel veel en zelfs als maar 10% dat dingetje gebruikt om zich te oriënteren op een baan of werkgever, dan kan de recruitmentwereld z’n borst nat maken voor 50 miljoen mobiele bezoeken.

Services

Maar wat doen mensen nou precies, als het gaat om mobiel recruitment? De top 5:

  • Banen zoeken
  • Job alerts ontvangen (via sms of e-mail)
  • Bijhouden hoe het met hun sollicitatie staat
  • Opzoeken wanneer er evenementen zijn
  • Lezen over het sollicitatieproces

Nu hoop ik niet dat ze dat laatste pas doen als ze op weg zijn naar het sollicitatiegesprek, maar het lijken me services die – zeker als je een ATS gebruikt – simpel te verlenen zijn.

Kool

En welke branches zouden speciaal haast moeten gaan maken? De branches waarin het meest gebruik wordt gemaakt van mobiel recruitment, zijn:

  • Retail
  • Zorg
  • Productie/industrie
  • Farmacie/biotech
  • Financiële dienstverlening

En het groeit als kool. Het lijkt erop alsof mobiel eindelijk de swing heeft gekregen die ik het een jaar geleden nog niet wilde geven. Grappig om te zien hoe hard het dan toch nog kan gaan.