Bannering is (ook) niet dood

Emerce meldt de ‘wederopstanding’ van display advertising. Omdat meer en meer activiteiten zich online afspelen, is er ook eigenlijk geen keus meer. Maar het is wel een ommekeer: “De afgelopen jaren werd door adverteerders vooral gefocust op search advertising en affiliate marketing, want die kanalen behalen immers de beste conversiecijfers”.

In juni vorig jaar werd de opleving van display advertising ook al geconstateerd door Nielsen en ik schreef er toen over dat  het me plezier deed om een herwaardering te zien van middelen die in potentie de mogelijkheid hebben om een verhaal te vertellen, meer te laten zien, gevoel over te dragen. Voor recruitment kan dat van belang zijn.

Ook bij recruitment lag de nadruk de afgelopen jaren immers op conversie en meten, meten, meten. Maar het probleem van online bannering is dat de opbrengst ervan vaak net zo moeilijk te meten is als van – pak ‘m beet – carrièrebeurzen. Je kunt het aantal clicks meten, of het aantal mensen dat aan je stand is gekomen, maar wat heeft dat nou precies voor effecten gehad in de hoofden van mensen? Gaan ze daardoor doen wat je graag wilt?

Techniek

Laat het maar aan de techniek over om daar weer iets op te vinden. Volgens het artikel op Emerce is ook de invloed van banners inzichtelijk te maken met behulp van analyses en wegingsmodellen. De crux zit ‘m erin om alle contactmomenten met uitingen van een adverteerder te meten; dus niet alleen af te gaan op de click die tot de conversie geleid heeft.

Ik ben niet tegen ‘inzichtelijk maken’ of ‘meten wat je doet’. Integendeel, alleen maar afgaan op de blauwe ogen van een account manager of andersoortige verkoper, lijkt me een onverstandige benadering. Ik denk alleen wel dat we – alleen al vanwege de grote hoeveelheid media die er tegenwoordig zijn – er maar beter vanuit kunnen gaan dat je niet alles kunt meten. En zelfs als dat wel kan, er op zeker moment de wet van de afnemende meeropbrengst gaat gelden.

Het is mooi dat het effect van bannering nu volgens de modernste inzichten van de wetenschap tot op de laatste bit kan worden uitgeplozen; het is nog mooier dat we daardoor gelegenheid krijgen voor storytelling.